Op het ter­rein van Buitenplaats Molenbosch staat “De Kapel der Heilige Engelbewaarders”, de kleinste kerk van Zeist. Arnie mocht er bin­nen kijken, maakte een fotorap­portage en beschrijft de geschiedenis. Hij weet nu, dat er een Engelbewaarder bestaat.Lees meer... 

"Opeens was het bankje er. Op de Boulevard. Best een mooi bankje. En toch knaagde er ook iets. Wat deed die extra armleuning daar? Heb­ben we hier te maken met 'vijandige architectuur', ontworpen om te voorkomen dat een zwerver zomaar ergens gaat lig­gen slapen?"

Onlangs vroeg modeketen Duetz na 167 jaar fail­lis­sement aan. Het bedrijf is altijd in de familie gebleven. Maarten Bos leerde familietelg Rob Duetz ken­nen, die bij hem in de flat in Kerckebosch woonde voordat hij enige jaren geleden overleed. Een portret.

"Mijn leven speelt zich grotendeels af op de vierkante kilometer rond winkelcentrum Kerckebosch. Daar zag ik laatst een dierenambulance staan. De medewerkers had­den lange handschoenen tot boven de armen aan en een groot net bij zich."

Arnie beschrijft de geschiedenis van Buitenplaats Molenbosch aan de hand van een wandeling en 9 foto's. "Aan het begin van de oorlog kreeg de bewoonster (Tante An­nie) een telefoontje met de mededeling om Het Huis lover te dragen aan de Duitse Wehrmacht".Lees meer... 

"In een wereld waar al­les in beweging lijkt, is er iets magisch aan het gevoel van thuiskomen. Dát ik thuisgekomen was realiseerde ik me kort na mijn verhuizing terug naar Zeist, op de eerste konings­dag die ik meemaakte: met een aubade op Het Rond, en daarna bal­lon­nen oplaten."

“Wat goed dat je dat doet!” Dit is de standaardreactie als ik mensen vertel dat ik één ­dag in de week als juridisch vrijwil­liger werk op een Asielzoekerscentrum in Huis ter Heide. Ik weet nog steeds niet goed hoe ik moet reageren op die reactie. Want wat bedoelen mensen ermee?

"Afgelopen week was het weer zover: de Avondvierdaagse. Als vanzelf gaf ik me op als meeloopouder namens De Grif­fel toen mijn dochter 6 werd. Ik keek ruim 10 jaar geleden steeds mijn ogen uit. Ik kon het dins­dag daarom niet laten om langs de route te gaan zitten."

“Die vaas…”, zegt ze, nu voor de derde keer. “Wat is er met die vaas?”, vraag ik. “Die staat er mooi bij. Ik kijk weleens naar de mensen die buiten op de Slotlaan voorbijkomen, hoe ze soms naar die vaas kijken. Die nieuwe vaas krijgt echt veel aandacht”. Ze klinkt afwezig.

No Internet Connection